HAVO Eindexamen Nederland — Questions and Answers
Question 1: Wat verstaat men onder globalisering?
- De groeiende economische, culturele en politieke verbondenheid tussen landen wereldwijd (Correct answer)
- De groei van economische activiteiten binnen één land
- De toename van internationaal toerisme
- De uitbreiding van het internet naar ontwikkelingslanden
Correct answer: De groeiende economische, culturele en politieke verbondenheid tussen landen wereldwijd
Globalisering is het proces waarbij landen steeds sterker met elkaar verbonden raken door handel, communicatie, cultuur en politiek.
Question 2: Wat wordt verstaan onder inflatie?
- Een daling van de werkloosheid
- Een toename van de export
- Een algemene stijging van het prijspeil (Correct answer)
- Een stijging van het spaargeld
Correct answer: Een algemene stijging van het prijspeil
Inflatie is een aanhoudende, algemene stijging van het prijspeil, waardoor de koopkracht van geld afneemt.
Question 3: Hoe ontstaat het versterkte broeikaseffect?
- Door extra broeikasgassen die meer warmte vasthouden in de atmosfeer (Correct answer)
- Door het verdwijnen van wolken boven de oceanen
- Door meer zonnestraling die de aarde bereikt
- Door warmte die vrijkomt bij het smelten van gletsjers
Correct answer: Door extra broeikasgassen die meer warmte vasthouden in de atmosfeer
Het versterkte broeikaseffect ontstaat doordat menselijke uitstoot van CO₂ en andere gassen de atmosfeer verdikt, waardoor meer warmte wordt vastgehouden.
Question 4: Welke partij int de meeste belastingen in Nederland?
- De Belastingdienst (overheid) (Correct answer)
- Commerciële banken
- Verzekeraars
- De Europese Centrale Bank
Correct answer: De Belastingdienst (overheid)
De Belastingdienst int namens de overheid belastingen zoals inkomstenbelasting en btw om overheidsuitgaven te bekostigen.
Question 5: Welk soort vraag komt vaak voor bij leesvaardigheid Engels?
- Spreek de zin hardop uit
- Wat is de hoofdgedachte van de alinea? (Correct answer)
- Schrijf een gedicht
- Vertaal de hele tekst
Correct answer: Wat is de hoofdgedachte van de alinea?
Veel examenvragen vragen naar de hoofdgedachte, de bedoeling van de schrijver of de functie van een alinea. Je hoeft de tekst niet volledig te vertalen.
Question 6: Wat is het chemisch symbool voor zuurstof?
- Os
- O (Correct answer)
- Zn
- Zu
Correct answer: O
Het symbool voor zuurstof (oxygenium) is O. Zn staat voor zink en Os voor osmium.
Question 7: Wat betekent 'although' in een Engelse zin?
- Daarom
- Bijvoorbeeld
- Bovendien
- Hoewel (Correct answer)
Correct answer: Hoewel
'Although' betekent 'hoewel' en leidt een toegevende bijzin in die een tegenstelling of beperking uitdrukt.
Question 8: Welk deeltje in het atoom heeft een negatieve lading?
- De atoomkern
- Het elektron (Correct answer)
- Het neutron
- Het proton
Correct answer: Het elektron
Het elektron heeft een negatieve lading. Protonen zijn positief en neutronen hebben geen lading.
Question 9: Het signaalwoord 'however' geeft aan dat er een ... volgt.
- Conclusie
- Opsomming
- Tegenstelling (Correct answer)
- Voorbeeld
Correct answer: Tegenstelling
'However' (echter) duidt op een tegenstelling met wat ervoor staat. Het waarschuwt je dat de schrijver van richting verandert.
Question 10: Wat is een goede strategie bij een leestekst die je niet helemaal begrijpt?
- Letten op de context en signaalwoorden (Correct answer)
- Alleen de titel lezen
- Direct opgeven
- Elk onbekend woord opzoeken
Correct answer: Letten op de context en signaalwoorden
Door op de context en signaalwoorden (however, because, although) te letten, kun je de betekenis afleiden zonder elk woord te kennen.
Question 11: Wat betekent het begrip 'schaarste' in de economie?
- Dat de prijs nul is
- Dat goederen gratis zijn
- Dat behoeften groter zijn dan de beschikbare middelen (Correct answer)
- Dat er altijd genoeg is van alles
Correct answer: Dat behoeften groter zijn dan de beschikbare middelen
Schaarste betekent dat de menselijke behoeften de beschikbare (productie)middelen overtreffen, waardoor er keuzes gemaakt moeten worden.
Question 12: Wat is de beste vertaling van 'meanwhile'?
- Daarna
- Hoewel
- Ondertussen (Correct answer)
- Voordat
Correct answer: Ondertussen
'Meanwhile' betekent 'ondertussen' of 'in de tussentijd' en geeft aan dat twee zaken tegelijk gebeuren.
Question 13: Een trui kost 80 euro en gaat met 25% in prijs omlaag. Wat is de nieuwe prijs?
- 60 euro (Correct answer)
- 55 euro
- 65 euro
- 75 euro
Correct answer: 60 euro
25% van 80 is 20 euro korting. 80 - 20 = 60 euro. Je kunt ook rekenen met de factor 0,75: 80 x 0,75 = 60.
Question 14: Wat is kenmerkend voor een markt met volledige mededinging?
- Veel aanbieders en vragers met een homogeen product, niemand bepaalt alleen de prijs (Correct answer)
- Er is maar één afnemer
- Eén aanbieder bepaalt de prijs
- De overheid bepaalt alle prijzen
Correct answer: Veel aanbieders en vragers met een homogeen product, niemand bepaalt alleen de prijs
Bij volledige mededinging zijn er veel aanbieders en vragers, is het product homogeen en kan geen enkele partij in zijn eentje de prijs bepalen.
Question 15: Wat gebeurt er volgens de wet van vraag en aanbod meestal met de prijs als de vraag stijgt en het aanbod gelijk blijft?
- De prijs daalt
- De prijs blijft gelijk
- De prijs stijgt (Correct answer)
- De prijs wordt nul
Correct answer: De prijs stijgt
Bij een stijgende vraag en gelijkblijvend aanbod ontstaat schaarste, waardoor de evenwichtsprijs stijgt.
Question 16: In welk celonderdeel vindt de fotosynthese bij planten plaats?
- De celkern
- Het ribosoom
- De mitochondriën
- De bladgroenkorrels (chloroplasten) (Correct answer)
Correct answer: De bladgroenkorrels (chloroplasten)
Fotosynthese vindt plaats in de bladgroenkorrels (chloroplasten), die het pigment chlorofyl bevatten waarmee lichtenergie wordt opgevangen.
Question 17: Welke alinea hoort in een betoog meestal de stelling te bevatten die je daarna gaat verdedigen?
- De laatste tussenalinea
- De inleiding (Correct answer)
- De voetnoten
- De bronvermelding
Correct answer: De inleiding
In een betoog presenteer je je stelling (het standpunt dat je verdedigt) doorgaans in de inleiding, waarna je in het middendeel argumenten geeft.
Question 18: Wat is de functie van een kernzin in een alinea?
- Het weergeven van de hoofdgedachte van de alinea (Correct answer)
- Het afsluiten van de tekst
- Het noemen van de bron
- Het opsommen van voorbeelden
Correct answer: Het weergeven van de hoofdgedachte van de alinea
De kernzin (vaak de eerste of laatste zin) bevat de hoofdgedachte van de alinea; de overige zinnen werken die verder uit.
Question 19: Welke rivier is de langste rivier ter wereld?
- De Yangtze
- De Nijl (Correct answer)
- De Amazone
- De Mississippi
Correct answer: De Nijl
De Nijl is met ongeveer 6.650 km de langste rivier ter wereld en stroomt door Oost- en Noord-Afrika.
Question 20: Wat is een gevolg van een hogere rente voor consumenten die willen lenen?
- Lenen wordt duurder (Correct answer)
- Lenen wordt goedkoper
- Sparen wordt onmogelijk
- De rente heeft geen invloed
Correct answer: Lenen wordt duurder
Een hogere rente maakt lenen duurder, omdat je meer rente moet betalen over het geleende bedrag. Dat remt vaak de bestedingen af.
Question 21: Wat betekent het Engelse woord 'to argue' meestal in een examentekst?
- Bestellen
- Vergeten
- Beargumenteren of beweren (Correct answer)
- Bewonderen
Correct answer: Beargumenteren of beweren
'To argue' betekent in deze context beargumenteren of beweren. Let op: het is een valse vriend en betekent niet altijd letterlijk 'ruziemaken'.
Question 22: Welke zin bevat een correct gebruik van de werkwoordsvorm?
- Hij heeft de brief gisteren verstuurt
- Zij hebt het examen gemaakt
- Het probleem wordt morgen opgelost (Correct answer)
- Wij is naar school gegaan
Correct answer: Het probleem wordt morgen opgelost
'Wordt opgelost' is correct (lijdende vorm, tegenwoordige tijd). De andere zinnen bevatten fouten: 'verstuurd', 'heeft' en 'zijn gegaan'.
Question 23: Welke stof vervoeren de wortels van een plant vooral omhoog?
- Suikers
- Water en mineralen (Correct answer)
- Vetten
- Zuurstof
Correct answer: Water en mineralen
Via de houtvaten transporteren wortels water en opgeloste mineralen omhoog naar de bladeren. Suikers worden juist via de bastvaten verspreid.
Question 24: Wat wordt bedoeld met het 'publiek' van een tekst?
- De uitgeverij
- De bedoelde lezersgroep (Correct answer)
- De schrijver zelf
- De drukker
Correct answer: De bedoelde lezersgroep
Het publiek is de doelgroep waarvoor de tekst geschreven is; woordkeuze en toon worden hierop afgestemd.
Question 25: Wat is btw?
- Een premie voor de zorgverzekering
- Een belasting op spaargeld
- Een belasting op de toegevoegde waarde van goederen en diensten (Correct answer)
- Een gemeentelijke heffing op huizen
Correct answer: Een belasting op de toegevoegde waarde van goederen en diensten
Btw (belasting toegevoegde waarde) is een verbruiksbelasting die de consument betaalt bij aankoop van goederen en diensten.
Question 26: Welke zin staat in de correcte present perfect?
- She has finished her homework (Correct answer)
- She finishing her homework
- She have finished her homework
- She finish her homework
Correct answer: She has finished her homework
De present perfect is 'has/have + voltooid deelwoord'. Bij 'she' hoort 'has': 'She has finished her homework'.
Question 27: Wat is het belangrijkste verschil tussen een betoog en een beschouwing?
- Een beschouwing is altijd korter
- Een betoog wil overtuigen, een beschouwing belicht meerdere kanten zonder duidelijk standpunt (Correct answer)
- Een beschouwing bevat nooit feiten
- Een betoog gebruikt geen alinea's
Correct answer: Een betoog wil overtuigen, een beschouwing belicht meerdere kanten zonder duidelijk standpunt
Een betoog is overtuigend en eenzijdig gericht op een standpunt; een beschouwing weegt meerdere standpunten af en laat de lezer vaak zelf concluderen.
Question 28: Welk signaalwoord drukt een tegenstelling uit?
- Daarom
- Bovendien
- Echter (Correct answer)
- Bijvoorbeeld
Correct answer: Echter
'Echter' geeft een tegenstelling aan. 'Bovendien' is opsommend, 'daarom' is concluderend en 'bijvoorbeeld' is verduidelijkend.
HAVO Eindexamen Nederland
Het HAVO (Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs) eindexamen bestaat uit centrale examens per vak, waaronder Nederlands, Engels, Aardrijkskunde en Economie. Leerlingen oefenen met meerkeuzevragen en open vragen om een gemiddeld cijfer van minimaal 5,5 te behalen.
Exam Rules
- You can skip questions and return to them later
- Flag questions for review before submitting
- No feedback shown until you submit the entire exam
- Unanswered questions count as wrong — answer everything
- 10 pretest questions are mixed in and don't affect your score
- Timer auto-submits when time runs out
- Your progress is auto-saved every 30 seconds