VMBO Engels β Questions and Answers
Question 1: Wat betekent het Engelse woord 'although' in het Nederlands?
- hoewel (Correct answer)
- bovendien
- omdat
- daarom
Correct answer: hoewel
'Although' betekent 'hoewel' en geeft een tegenstelling aan, bijvoorbeeld: Although it was raining, we went outside.
Question 2: Kies de juiste vorm: 'She ___ to school every day.'
- gone
- goes (Correct answer)
- go
- going
Correct answer: goes
Bij de derde persoon enkelvoud (she) krijgt het werkwoord in de present simple een -s: she goes.
Question 3: Wat is de verleden tijd van het werkwoord 'to buy'?
- buyt
- buied
- bought (Correct answer)
- buyed
Correct answer: bought
'To buy' is een onregelmatig werkwoord. De verleden tijd is 'bought'.
Question 4: Welke zin is grammaticaal correct?
- I am live here for five years.
- I living here for five years.
- I have lived here since five years.
- I have lived here for five years. (Correct answer)
Correct answer: I have lived here for five years.
Bij een periode gebruik je 'for' (for five years). 'Since' gebruik je bij een beginpunt (since 2019).
Question 5: Wat betekent 'to be on time'?
- op tijd zijn (Correct answer)
- te laat zijn
- tijd nemen
- geen tijd hebben
Correct answer: op tijd zijn
'To be on time' betekent 'op tijd zijn'. 'Te laat zijn' is 'to be late'.
Question 6: Kies het juiste vraagwoord: '___ is your favourite subject?' (welk vak vind je leuk)
- When
- What (Correct answer)
- Where
- Who
Correct answer: What
'What' vraagt naar een ding of zaak. Who = wie, Where = waar, When = wanneer.
Question 7: Wat is het meervoud van het Engelse woord 'child'?
- childes
- childs
- children (Correct answer)
- childer
Correct answer: children
'Child' heeft een onregelmatig meervoud: 'children'.
Question 8: Vul aan: 'If it rains tomorrow, we ___ stay at home.'
- have
- would
- are
- will (Correct answer)
Correct answer: will
In de eerste conditional (if + present, will + werkwoord) gebruik je 'will': we will stay at home.
Wat betekent het Engelse woord 'although' in het Nederlands?