Theorie Oefenen Gevaarherkenning — Questions and Answers
Question 1: Gevaarherkenning op het CBR theorie-examen vraagt vaak om één van drie keuzes. Welke?
- Toeteren, lichten aan of stoppen
- Inhalen, keren of parkeren
- Schakelen, sturen of remmen
- Remmen, gas loslaten of niets doen (Correct answer)
Correct answer: Remmen, gas loslaten of niets doen
Bij gevaarherkenning kies je meestal uit 'remmen', 'gas loslaten' of 'niets doen'. Je beoordeelt hoe ernstig en hoe dichtbij het gevaar is en hoe je daar het beste op reageert.
Question 2: Je rijdt langs geparkeerde auto's en ziet bij één auto de remlichten branden. Wat herken je als gevaar?
- Niets, de auto staat stil
- Je moet toeteren
- Je mag harder rijden
- De auto kan zo wegrijden of een portier kan opengaan (Correct answer)
Correct answer: De auto kan zo wegrijden of een portier kan opengaan
Brandende remlichten bij een geparkeerde auto duiden op een bestuurder die kan gaan wegrijden of een portier dat opengaat. Je laat gas los of remt en houdt afstand.
Question 3: Voor je steekt een bus halverwege weer in. Bij de bushalte zie je wachtende mensen. Wat is het gevaar?
- Er gebeurt niets
- De bus rijdt te langzaam
- Voetgangers kunnen plotseling oversteken vóór of achter de bus (Correct answer)
- Je moet inhalen
Correct answer: Voetgangers kunnen plotseling oversteken vóór of achter de bus
Bij een bushalte met wachtende of uitstappende mensen bestaat het risico dat voetgangers plotseling oversteken. Je vermindert snelheid en bent extra alert.
Question 4: Je nadert een school net na schooltijd. Welk gevaar herken je?
- Kinderen kunnen onverwacht de weg oprennen (Correct answer)
- Geen, kinderen letten goed op
- Je mag harder rijden om snel weg te zijn
- Alleen auto's vormen een risico
Correct answer: Kinderen kunnen onverwacht de weg oprennen
Rond scholen, zeker net na schooltijd, kunnen kinderen onvoorspelbaar gedrag vertonen en plotseling oversteken. Je verlaagt je snelheid en houdt je voet bij de rem.
Question 5: Het regent hard en de weg glimt. Welke aanpassing hoort bij gevaarherkenning?
- Snelheid verminderen en grotere afstand houden (Correct answer)
- Harder rijden om uit de regen te komen
- Je mistlichten altijd aanzetten
- Niets veranderen
Correct answer: Snelheid verminderen en grotere afstand houden
Bij een natte, glimmende weg is de grip minder. Goede gevaarherkenning betekent dat je snelheid mindert en meer volgafstand neemt om aquaplaning en een lange remweg te voorkomen.
Question 6: Je ziet in de verte een fietser die met één hand zijn arm uitsteekt. Wat betekent dit?
- Hij groet je
- Hij is gestopt
- Hij geeft aan dat hij van richting verandert of afslaat (Correct answer)
- Niets bijzonders
Correct answer: Hij geeft aan dat hij van richting verandert of afslaat
Een fietser die zijn arm uitsteekt, geeft een richtingverandering aan. Je anticipeert hierop door af te remmen en hem ruimte te geven om veilig af te slaan.
Question 7: Bij mist zie je plotseling rode mistachterlichten dichtbij voor je. Wat doe je?
- Doorrijden, het komt wel goed
- Direct gas loslaten of remmen en afstand houden (Correct answer)
- Inhalen
- Groot licht aanzetten
Correct answer: Direct gas loslaten of remmen en afstand houden
Mistachterlichten betekenen dat er vlak voor je een voertuig rijdt of staat. Je laat gas los of remt rustig en houdt voldoende afstand, omdat het zicht beperkt is.
Question 8: Een tegemoetkomende auto rijdt slingerend en deels over de middenstreep. Wat is je beste reactie?
- Doorrijden op je eigen koers en hopen dat het goed gaat
- Snelheid minderen, naar rechts uitwijken en zo nodig stoppen (Correct answer)
- Met je groot licht knipperen en doorrijden
- Versnellen om er snel langs te zijn
Correct answer: Snelheid minderen, naar rechts uitwijken en zo nodig stoppen
Bij een slingerende tegenligger geef je ruimte: snelheid minderen, zoveel mogelijk naar rechts en eventueel stoppen. Zo verklein je de kans op een frontale botsing.
Gevaarherkenning op het CBR theorie-examen vraagt vaak om één van drie keuzes.
Welke?